In februari 2010 is de nieuwe Commissie aangetreden en is de eerste Commissie van José Manuel Barroso vertrokken. Welvaart, solidariteit, veiligheid en vrijheid en een sterker Europa in de wereld, waren aan het begin van het mandaat geformuleerd als de algemene strategische doelstellingen van de Commissie-Barroso I. Daarbij kreeg de Commissie te maken met de besluitvorming over ingrijpende institutionele veranderingen (in 2004-2005 het Grondwettelijk Verdrag, vanaf 2007 het Verdrag van Lissabon), met de gevolgen van de financiële crisis van 2008 en de aanpak van de wereldwijde klimaatproblematiek. Tijd voor een terugblik: wat waren de hoogte- en dieptepunten van de Commissie-Barroso I?
Inhoudsopgave van deze pagina:
Submenu:
Nieuws-items bij Terugblik Commissie-Barroso I
-
05-05-2010Ex-eurocommissaris McCreevy krijgt groen licht voor topbaan bij Ryanair (en)
-
09-03-2010Barroso: hoogte declaraties valt mee
-
23-11-2009Ferrero-Waldner neemt portefeuille handel van Ashton over (en)
-
01-10-2009Maros Sefcovic opvolger van Jan Figel' als Slowaaks eurocommissaris
-
15-09-2009Barroso belooft omgooien van Europese agenda
-
15-09-2009Barroso in Europees Parlement: een sterker wordend Europa in een tijd van verandering (fr, en)
-
09-09-2009Meerderheid liberalen neigt naar steun Barroso
-
09-09-2009Laatste kans voor voorzitter Europese Commissie
-
09-09-2009Meeste socialisten tegen herbenoeming Barroso
-
01-07-2009Kans op snelle herbenoeming Barroso geslonken
-
01-07-2009Barroso hoopt op snel besluit Europarlement
-
24-06-2009Eurocommissaris voor regionaal beleid treedt af (en)
-
28-05-2009Barroso trots op resulaten Europese Commissie
De Commissie-Barroso I trad op 22 november 2004 aan. Het Europees Parlement verhinderde dat dit zoals gepland al op 1 november plaats kon vinden, vanwege bezwaren tegen de samenstelling. Met name de Italiaanse kandidaat Rocco Buttiglione, die tijdens een eerdere hoorzitting homoseksualiteit een "zonde" noemde, riep protest op. Door zijn opvattingen over zaken als het huwelijk en de rol van de vrouw was Buttiglione volgens veel Europarlementariërs ongeschikt voor de portefeuille Justitie en Binnenlandse Zaken, die hem verantwoordelijk zou maken voor de bestrijding van alle vormen van discriminatie in de EU.
Ook was er kritiek op de commissarissen Ingrida Udre (Letland), Laslo Kovacs (Hongarije) en de Nederlandse kandidaat Neelie Kroes. Barroso verving Buttiglione door Franco Frattini, en Andris Piebalgs, die de plaats van Udre innam, kreeg de portefeuille Energie onder zijn hoede. Kovacs mocht blijven, maar werd wel doorgeschoven naar Douane en Fiscaliteit. Kroes kon haar zware portefeuille Mededinging behouden, ondanks de twijfel aan haar onafhankelijkheid die voortkwam uit haar verleden als adviseur en het grote aantal commissariaten dat zij bekleedde. Wel moest ze beloven dat zij de behandeling van concurrentiegeschillen zou overdragen aan collega's als het een bedrijfstak betrof waar zij in het verleden een commissariaat had vervuld.
Nooit eerder had het Europees Parlement het voor elkaar gekregen de samenstelling van de Europese Commissie al voor het aantreden daarvan te beïnvloeden.
In de Commissie zaten voor het eerst leden uit de tien landen die in 2004, slechts enkele maanden voordat de nieuwe Commissie haar werkzaamheden begon, tot de Europese Unie waren toegetreden. In 2007 traden ook commissarissen toe uit Bulgarije (Consumentenzaken) en Roemenië (Meertaligheid).
In 2000 spraken de regeringsleiders in Lissabon af om van de Europese Unie in 2010 de meest innovatieve kenniseconomie van de wereld te maken. Barroso had deze Lissabon-doelstellingen en het versterken van de Europese economie tot de topprioriteit van zijn vijfjarige termijn gemaakt: hogere productiviteit en meer werkgelegenheid waren cruciaal. Het bleek echter toch te hoog gegrepen om de VS en China economisch voorbij te streven. De Commissie hoopte alsnog haar steentje bij te dragen door de kwaliteit van de Europese wetgeving te verbeteren en vooral door overbodige wetgeving te schrappen. In 2005 werd het voorstel op tafel gelegd om 10% van de wetsbesluiten te schrappen en zo de concurrentiekracht van Europa te verhogen. Te veel en te gedetailleerde regelgeving kon de economische slagkracht van de Unie alleen maar in de weg staan volgens Barroso.
Een ander belangrijk thema tijdens het mandaat van deze commissie was het Grondwettelijk Verdrag, dat op 29 oktober 2004 door de Europese regeringsleiders was ondertekend. Deze ‘Grondwet’ zou bestaande verdragen samenvoegen en bevatte het Europese Handvest van de Grondrechten, wat als gevolg daarvan bindend zou worden voor alle lidstaten. Na ratificatie door de nationale parlementen zou de grondwet op 1 november 2006 van kracht worden, maar zo ver is het niet gekomen.
Bij het referendum over invoering van de Grondwet in juni 2005, wees een grote meerderheid (bijna 62 procent) van de Nederlandse kiezers de Europese Grondwet af. Enkele dagen daarvoor had ook de Franse bevolking de Grondwet afgewezen. Tien landen hadden het verdrag op dat moment al geratificeerd. De afwijzing door Nederland en Frankrijk betekende dat de Grondwet niet zonder wijzigingen kon worden ingevoerd, want voor een nieuw verdrag is instemming van alle lidstaten vereist.
Om de overal opduikende euroscepsis het hoofd te bieden, besloot de Europese Raad in juni 2005 om een periode van bezinning in te lassen tot halverwege 2006. De oorspronkelijk geplande datum van 1 november 2006 waarop de Grondwet van kracht zou worden, was daarmee niet meer haalbaar. Er was ruimte nodig voor de lidstaten om brede maatschappelijke discussies te voeren en om de toekomst van het Grondwettelijk Verdrag te bespreken, meende de Commissie. Het was tijd om het contact met de werkelijkheid te herstellen.
Margot Wallström, vice-voorzitter van de Commissie en beheerder van de portefeuille voor Institutionele betrekkingen en communicatiestrategie, lanceerde het Plan D (voor democratie, dialoog en debat) dat de Unie democratischer moest maken, een breed publiek debat diende te bevorderen en een nieuwe consensus tot stand moest brengen over de weg die de Europese Unie moest inslaan. Het was aan de lidstaten zelf om dat proces vorm te geven. Het debat kwam echter nauwelijks van de grond en de bezinningsperiode werd in 2006 met nog eens een jaar verlengd.
Uiteindelijk werd op de Europese top in juni 2007 besloten af te zien van de Europese Grondwet. De term "grondwet" ging een deel van de Europese kiezers duidelijk te ver. Toch werd hervorming van de bestaande verdragen nodig gevonden. Op 13 december 2007 bereikten de regeringsleiders en staatshoofden een akkoord over een nieuw verdrag, het Verdrag van Lissabon. Ondanks de afwijzing van de Grondwet, werden veel voorstellen daaruit overgenomen. De Nederlandse en Franse regeringen besloten het nieuwe verdrag niet in een referendum aan de bevolking voor te leggen, maar alleen door hun nationale parlementen te laten ratificeren. Daarmee leken de problemen opgelost.
In 2008 stortte het Ierse volk de Europese Unie echter in een nieuwe crisis door in een referendum het Verdrag van Lissabon te verwerpen. Het Nederlandse parlement ratificeerde het verdrag in de zomer van 2008. Het Duitse Hof ging pas akkoord na lang beraad en de Poolse en Tsjechische presidenten wilden het verdrag lange tijd zelfs helemaal niet ondertekenen. In oktober 2009 stemden de Ieren in een tweede referendum alsnog vóór. In november 2009 ratificeerde de Tsjechische president Klaus als laatste het verdrag waarna het op 1 december 2009 in werking trad.
In 2008 werd het klimaat- en energiepakket van de Commissie-Barroso I door de Raad en het Europees Parlement goedgekeurd. Hierin zijn de Europese doelstellingen vastgelegd met betrekking tot de strijd tegen klimaatverandering, het streven naar een continue, duurzame en concurrerende energievoorziening en de plannen van de Commissie om de Europese economie om te vormen tot een voorbeeld voor duurzame ontwikkeling. In 2020 moet de uitstoot van broeikasgassen teruggebracht zijn tot minimaal 20% onder het niveau van 1990. Ook wordt ernaar gestreefd het aandeel van duurzame energiebronnen in het energieverbruik met 20% toe te laten nemen en moet de energie-efficiëntie met 20% toenemen, beide eveneens ten opzichte van het niveau van 1990.
Ook met het oog op de gascrisis tussen Rusland en Oekraïne en de forse vermindering van de gastoevoer naar de EU-lidstaten die daarop volgde, streefde de Commissie ernaar de Europese economie voor een groter deel te laten draaien op duurzame en continu leverbare energie. Daarnaast moest de gasaanvoer minder kwetsbaar worden door de ontwikkeling van een gemeenschappelijk energiebeleid. In plaats van de 27 nationale energiemarkten wilde de Commissie werk maken van een Europese eenheidsmarkt. Alle lidstaten blijven wel vrij bij de keuze welke energiebronnen ze gebruiken.
De Commissie meende dat ontwikkelingslanden, consumenten, producenten en doorvoerlanden bij het proces betrokken moeten worden om alle klimaat- en energiedoelen te verwezenlijken. Over het in december 2009 in Kopenhagen bereikte klimaatakkoord merkte Barroso dan ook op dat een akkoord beter is dan geen akkoord. Hij zag het dan ook als een positieve stap, maar beschouwde het resultaat als ver beneden de Europese ambitie.
Het klimaat- en energiepakket wordt als de grootste prestatie van de Commissie-Barroso beschouwd. De Commissie had goed leiderschap getoond in politiek moeilijke tijden. Minder succesvol was de aanpak van de financiële en economische crisis. Volgens critici had de Commissie verzaakt de crisis te voorzien, waardoor het crisisplan te laat op gang kwam. De Commissie werd terughoudendheid verweten, evenals gebrek aan leiderschap. Zo kregen lidstaten de kans hun nationaal belang boven het Europese belang te stellen.
In oktober 2008 stelden de Europese ministers van Financiën een garantie op spaartegoeden in voor een bedrag van ten minste 50.000 euro per rekeninghouder. Nederland verhoogde dit bedrag nog eens tot 100.000 euro. Een maand later lanceerde de Europese Commissie een Europees Economisch Herstelplan dat de Europese economie een positieve impuls moest geven. De Lissabon-strategie werd aangevuld met maatregelen die zo snel mogelijk resultaat zouden oogsten. Er werden reddingsoperaties in gang gezet in de bankensector, er werd gezorgd voor een gericht budgettair stimuleringspakket en zowel op nationaal als op Europees niveau werden nieuwe voorwaarden opgesteld om de kredietverlening in de bankensector aan te pakken. Wel kon elke lidstaat zelf bepalen welke maatregelen zij geschikt vond voor de situatie in eigen land. Veel plannen die al in de maak waren op nationaal niveau werden onder de noemer van het herstelplan uitgevoerd.
Het mandaat van de Commissie-Barroso I is getekend door roerige jaren waarin de EU uitgroeide tot een Unie van 27 leden, de Europese Grondwet weggestemd werd en de EU te maken kreeg met een wereldwijde economische crisis. Het Verdrag van Lissabon wachtte lange tijd op goedkeuring van de Ieren en vervolgens de Tsjechen. Op Barroso rustte de zware taak tot een gezamenlijk economisch beleid te komen voor 27 lidstaten die niet in dezelfde staat van economische ontwikkeling verkeerden.
Voordat zijn Commissie aan de slag ging, had Barroso de indruk gewekt zeer zeker te zijn van zijn zaak en was er veel waardering voor zijn communicatieve vaardigheden. Door de moeizame goedkeuring van de kandidaat-commissarissen door het Parlement en de gedwongen herschikking verloor Barroso echter een groot deel van zijn gezag. De grote interne verdeeldheid in de EU leverde Barroso het verwijt van gebrek aan daadkracht op en de indruk werd gewekt dat de nationale regeringen steeds vaker hun wil op konden leggen. Maar Barroso hield zich staande.
De reactie op de crisis kwam laat, maar het stimuleringsplan van eind 2008 leek zijn vruchten af te werpen. Ook werd Barroso geprezen om zijn bereidheid zijn nek uit te steken voor zaken die hij zeer belangrijk achtte. Zo stortte hij zich op de economische hervormingen in het kader van het Lissabonprogramma en de klimaatagenda van de EU, en zag hij het strategische belang in van energiezekerheid.
Barroso zou in het laatste jaar de grote lidstaten met 'fluwelen handschoenen' behandeld hebben, uit vrees dat een van hen zijn herbenoeming zou dwarsbomen. Of hier een verband bestaat of niet, het is hem gelukt: op 16 september 2009 werd José Manuel Barroso herkozen tot voorzitter van de Europese Commissie.
Hieronder staan een aantal veel gehoorde argumenten in de discussie over de Commissie Barroso I. Uiteraard is bij alle standpunten wel een kanttekening te plaatsen, wat de discussie boeiend maar niet eenvoudiger maakt. Europa is wikken en wegen. Door op de links te klikken krijgt u meer informatie én nuancering.
Tip: Na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw reactie geven.
-
De Commissie-Barroso I toonde gebrek aan daadkracht
Deze Commissie laat geen grote projecten na: geen omvangrijke uitbreiding van de EU, de grondwet werd afgekeurd en na het uitbreken van de economische crisis werd veel te laat actie ondernomen. De nalatenschap van Barroso-I is beperkt tot praktische maatregelen als goedkoper bellen in het buitenland en duidelijkere tarieven bij vliegmaatschappijen.
-
Barroso was het schoothondje van de grote lidstaten
Hij liet de grote landen bij de oplossing van de financiële crisis hun eigen gang gaan in plaats van sterk leiderschap te tonen. Barroso was zoveel bezig met zijn herverkiezing, dat hij de grote landen niet tegen de haren in wilde strijken. Ambitieuze voorstellen bleven hierdoor uit.
-
Barrosso was een goede diplomaat
Onder zijn hoede groeide de Europese Commissie uit tot 27 leden. Barroso had dan ook met 27 regeringen en 27 commissarissen te maken die hij allemaal op één lijn moest zien te krijgen om beslissingen te kunnen nemen. Dan moet je wel de diplomatieke verhoudingen in de gaten houden en als diplomaat optreden.
-
De vergroening van de economie is een verdienste van Barroso
Barroso was de drijvende kracht achter het Europese klimaatplan, dat ervoor gezorgd heeft dat Europa een grote voorsprong heeft genomen op weg naar een groene economie. De economische voorsprong die deze ommezwaai voor de EU in petto heeft, wordt ernstig onderschat. Obama kan hier nog wat van leren.
Door op Uw reactie te klikken kunt u laten weten, wat u van de verschillende argumenten vindt. Ook kunt u natuurlijk andere argumenten aandragen. Uw reactie wordt zeer op prijs gesteld.
